Mijn tweede blog

Dit is de blog waarop ik al mijn hobby-verhaaltjes kwijt kan. Na de opzet [in 2012] met vooral haken en breien, heb ik hem nu uitgebreid met meer hobby-onderwerpen, die vroeger ten dele te vinden waren op mijn andere blog. [http://avalon045-avalon.blogspot.com/] De in mijn ogen mooiste "eigen ontworpen" patronen in de haaktechniek heb ik laten staan. Soms ook in de engelse taal. Het is nu dus wat minder "crea" en wat meer hobby geworden.

dinsdag 16 februari 2021

Looplengte




Hahaha, dat was even een eye-opener. Op de foto staat de eerste mouw van een nieuw te breien trui. Ik had nog acht bollen witte Saskia [Wibra] liggen en die riepen me toe: "Doe wat met ons, want we willen de la uit!" Nou ja, dat konden ze dan wel roepen, ik wist even niet wat ik er mee moest. Weer een trui? Dat zou dan de vierde zijn in drie maanden tijd. Aan de andere kant, waarom niet? Breien is een fijne manier om wakker te blijven bij de tv. Recht toe, recht aan, tricotsteek, dat kan ik zowat op het gevoel en is dan ook mijn favoriet. Maar ja, acht bollen! Zou het genoeg zijn. Met de huidige lockdown en de sluiting van de niet essentiele winkels, is er een bolletje bijhalen ook even geen optie.

Intussen was ik ook in bezit gekomen van 10 bollen gele perlé, die ik voor beestjes haken, niet zo erg geschikt vond. Het is een heel dunne draad en de kleur vond ik, voor beestjes, ook niet mooi. Echter, voor dubbeldraads breien met de witte Saskia was hij perfect. Een reden te meer om om toch maar weer aan een lekkere trui te beginnen, dus, ik nam de gok en startte met trui nummer vier.

De eerste mouw is nu af en gelijk daarbij heb ik iets nieuws geleerd. Voor het inschatten hoeveel wol er voor een bepaald werkstuk nodig is, keek ik altijd alleen naar het gewicht van de bollen. De witte Saska is een 100 grams bol en de gele perlé een 50 grams. In mijn logica zou het dan zo moeten zijn, dat wanneer ik één witte bol zou hebben opgebreid, ik 2 gele bollen kwijt zou zijn. Nou dat was dus helemaal niet waar. Ik gebruikte precies 1 witte en 1 gele bol voor die mouw, want wat er over was, ligt vooraan op de foto. Het gele draadje was ongeveer 80 cm en het wit was ietsjes meer. Oefff, dat had ik nooit gedacht. Ineens ging er een lampje branden. Dochter Ingrid, duidelijk slimmer dan ik, kijkt vaak ook naar de lengte van de draad per bol om uit te rekenen hoeveel zij nodig heeft. En toen ik daar naar keek werd me ineens een heleboel duidelijk. Want een witte bol van 240 meter en gele bol van 220 meter draad, ontlopen elkaar niet veel. Natuurlijk! Logisch dat ik van beide bollen ongeveer dezelfde lengte over hield. Hehe, een mens is ook nooit te oud om te leren.

Wel blijf ik erbij dat "80 cm geel over" op de hele mouw, een mirakel is. Maar goed, nu ik die mouw af heb, is de vraag of ik wel genoeg zou hebben, denk ik ook wel opgelost. Lockdown of niet, met die acht bollen komt het wel goed.

Geschreven: 16 februari 2021
Dagtekening: 16 februari 2021

zaterdag 12 december 2020

Plat

 Toen ik gisterenmiddag halverwege was, op weg naar de fruitstal in Zwaagdijk, schrok ik even. Ik herinnerde me ineens, dat ik bij Creamijn vier bolletjes wol besteld had, die op het moment dat ik zo rustig op weg was, bezorgd zouden worden. De kans was dus groot, dat de besteller weer eens voor een dichte deur zou staan. Oeffff......helemaal vergeten!

Mede ook, omdat ik er een hekel aan heb, de buren [die er zelf gelukkig niet moeilijk over doen] op te zadelen met mijn bestellingen, wist ik even niet wat ik moest doen. Doorrijden naar die fruitstal of rechtsomkeer? Intussen was ik natuurlijk wel doorgereden en daar ik er bijna was, besloot ik toch maar fruit te halen en dan zo snel mogelijk weer naar huis te gaan. Tot overmaat van ramp belandde ik daar voor een dichte deur of liever gezegd, voor een dichte kraam. "Ohhh, nee hè", dacht ik meteen, "Met de zenuwen in mijn lijf doorrijden, terwijl een pakketje niet bezorgd kan worden, en dan ook nog tot de ontdekking komen, dat de hele rit voor niets is geweest. Zo kan het wel weer!".

Ik ging de kortste weg weer terug naar huis om daar te ontdekken, dat er gelukkig, nog geen briefje in de brievenbus hing. Pffff, dat was goed gegaan en na even gegoogeld te hebben naar de openingstijden van de fruitkraam, las ik dat ze per 1 september de tijden was hadden verminderd. Niks mis mee natuurlijk, maar dat ik dat op een van de eerste dagen zó moest ondekken, was minder leuk.



Een kwartiertje later plofte er iets zwaars op de mat. Ik zag de rug van onze postbestelster, dus dacht, "Huh, wat is dat?". En ja hoor,helemaal geplet en vacuum getrokken, slechts 1 cm hoog, rolden mijn vier bolletjes wol zomaar door de brievenbus.




Toen ik van mijn verbazing bekomen was, bedacht ik me ineens: " Heb ik me daar nou zo voor gehaast? Vier bolletjes wol, zo door de brievenbus! De wonderen zijn de wereld nog niet uit. Je trekt de boel vacuum en de postbode doet de rest".

Even later schoot ik onbedaarlijk in de lach. De associatie aan wat ik dacht was al te gek. Ze waren gelukkig niet vacuum getrokken, maar net zo geplet en in mijn gevoel ook slechts 1 cm hoog. Wie nog nooit een bevolkingsonderzoek naar borstkanker heeft meegemaakt zal niet weten waarover ik praat, maar wie dat wel onderging zal moeten toegeven, dat de vergelijking zo gek nog niet is. [https://avalon045-avalon.blogspot.com/search/label/2019--Bevolkinsonderzoek borstkanker]


Geschreven, 4 september 2020 
Dagtekening: 3 september 2020

dinsdag 20 oktober 2020

Terugkeer in "Knuffelland"

Hoewel het ons sinds maart al sterk wordt afgeraden om te knuffelen, ben ik weer terug in knuffelland. Overal had ik mijn nieuwe knuffels al laten zien, maar op mijn op mijn blog schitterden ze nog door afwezigheid. Vandaag post ik dus geen haakpatroon, maar alleen een verhaaltje over, hoe dochter Ingrid, mij weer een beetje wakker schudde uit mijn coronadip. Een maand of wat terug vond zij de fb-groep "Haaksters van Zaanse troost", een goed doel tw. "Zaanse troost", die troostknuffels haakt en verzamelt voor kinderen die in het ziekenhuis, geprikt moeten worden. Toen was het alleen nog in het Zaans Medisch Centrum, maar het kan best, dat het intussen is uitgebreid.



Na een hectisch jaar, was mijn productie tot op het nulpunt gedaald. Door de ziekte van mijn echtgenoot en corona was er behalve een stuk of wat "ziekenhuis-beertjes" [in mei] en een heleboel gebreide truien [waarbij ik zo lekker kon Netflixen] weinig uit mijn handen gekomen en nu ik moest ik van mijzelf eigenlijk, ook maar weer eens aan de gang. Het doel klikte en ik dook wat aarzelend in mijn patronenfile.

Extra leuk bij haken voor dit doel is dat ik nu redelijk onbeperkt knuffels kan haken. De grootte is natuurlijk nog wel een dingetje, maar dat lost zich snel op. Te groot kost veel te veel materiaal, dus blijven ze vanzelf wel op een redelijke formaat. Dat was in mijn Berendekenstijd wel anders, niet wat de grootte betreft, maar de naam zegt het al. Het was uiteraard beperkt tot beren en ik haakte er zo`n 300 voor hen in ca. 3 jaar tijd. Zo gek is het dus niet, dat ik nu maar even iets anders zoek. De vijf die ik nog over had uit die tijd, zijn intussen al naar Zaandam afgereisd. De hieronder staande drie knuffels zijn van een nieuwe leg.



Hard zal ik niet gaan, maar aangezien dochter Ingrid gaat als een speer, zullen er, als de tweede coronagolf een beetje is uitgeraasd, wel weer wat vanuit het Westfriese naar Zaandam afreizen. Veel puf heb ik momenteel nog niet, maar ik ben wel blij, dat ik weer terug ben ik knuffelland.


zaterdag 17 oktober 2020

Heee, die ken ik

[4 juni 2020]
Hoe grappig kan het gaan. Al tijden zet ik mijn "ontwerpen" op mijn creablog en soms op pinterest. Nou ja, "ontwerpen" vind ik wel een erg groot woord, het modelletje rolt eigenlijk vanzelf uit mijn haaknaald en daar hoef ik meestal weinig voor te doen. Vaak begin ik met iets wat ik op een foto heb gezien en soms start ik met een patroon. In het laatste geval, ga ik al vrij gauw mijn eigen weg en wordt het resultaat heel anders dan het zou moeten worden. Dat vind ik nou juist zo leuk. Als het resultaat van al die probeersels, het waard is, om wat meer mee te doen, probeer ik het zo goed mogelijk op patroon te zetten, zodat een ander er ook plezier aan kan beleven. En natuurlijk, als er een bron is, zet ik die erbij.

De reacties, op deze blog heb ik uitgezet. Niet, omdat ik ze niet wil, maar omdat ik ze stomweg vergeet en er dus nooit op reageer. Een beetje slordig, ik weet het, maar ik wil iemand, die zo aardig is, hier te reageren, niet teleurstellen. Op de blog staat een link naar fb, daar zie ik de ze wel.

De reactie zijn wisselend. Van een "Oh wat leuk" tot een "verwijderde post in een Amerikaanse haakgroep". Dat laatste vond ik best vervelend, en ben ik natuurlijk gaan informeren, waarom men dat had gedaan. Het bleek dat men vond, dat ik mijn werk zat te promoten. Nou in zekere zin, hadden ze natuurlijk gelijk, maar promoten vond ik wel een heel groot woord. Ik kon kletsen wat ik wilde, maar mijn visie, tw. een ander een leuk idee of patroon te bezorgen, ging er niet in. Ik zou het hebben begrepen, als ik betaalde patronen erop had gezet, maar nee, ook dat argument, trok hen niet over de streep. Maar goed, er gebeuren wel meer rare dingen in fb-land en uiteindelijk heb ik er maar eens hartelijk om gelachen. Er zijn ergere dingen op de wereld, dan een gewiste post op fb. Dan maar niet, ja... jammer dat wel. Toch ben nog steeds lid van die groep, ik kijk er zelden op, maar uit nieuwsgierigheid, kan ik het af en toe niet laten. Doch, er iets opzetten, dat doe ik niet meer.


De meeste reacties zijn gewoon leuk of zinvol. Ik ben blij, als men fouten uit mijn patronen haalt en het leukste is als men foto`s plaatst van "mijn werk" [zeker met een link naar de blog]. Echter tot mijn
verrassing kan het ook zo. Raar hoor, als je nietvermoedend en totaal onverwachts, werk van jezelf op het scherm ziet verschijnen. Vooral zo, als op onderstaande foto, dat is helemaal te gek!




Een paar dagen geleden vond ik weer twee modelletjes van mij ergens op een verzamelsite. Beide verwijzen, zoals ik constateerde rechtstreeks met een link, naar mijn blog. Leuk en met veel plezier voeg ik deze hieronder toe.




vrijdag 25 september 2020

Een bijzonder projekt

Toen ik 10 jaar was, in het verre verleden van 1955, breide mijn moeder een trui voor mij. Ze breide hem duidelijk voor de feestdagen, want ik vind mezelf [met trui] terug op vele foto`s, gemaakt tijdens de kerst van dat jaar. Ik was dol op die trui en toen ik er zover was uitgegroeid, dat het echt niet meer kon, heb ik hem, met veel verdriet, weg moeten doen, dat weet ik nog. Als ik het goed heb, was hij grijs, met een grote cirkelvormige pas met strepen in de kleuren rood, groen en wit, dat herinner ik me nog wel, maar werd ook bevestigd door de aantekeningen die mijn moeder maakte op het patroon. Ook verder kan ik weinig uit de foto`s halen, want de kwaliteit van die plaatjes is “anno 1956”, wat niet echt garant staat voor een scherpe afbeelding.



Trouwens, toen ik in mijn foto-archief aan het zoeken was, naar afbeeldingen, waar ik die trui aan had, ontdekte ik, tot mijn verbazing, dat mijn moeder een supergoede breister was. Zowel mijn broer als ik hebben, op de foto`s, de mooiste truien aan. Arme mam, je had toen niet veel eer van dat vele werk, want dat hadden we als kind echt niet door. En nu, ruim 60 jaar later, kan ik het je niet meer vertellen, hoe goed ik het van je vind.

Maar dat neemt niet weg, dat ik, ondanks dat ik niet veel met kleding heb, die trui nooit ben vergeten. De liefde gaat zelfs zover, dat ik al jaren het plan heb om hem nog eens na te maken. Het moet mogelijk zijn, want het patroon is er nog, zoals ik al vermeldde over de opmerkingen die zij er op maakte. Waarom mijn moeder het altijd heeft bewaard, zal altijd een vraag blijven, maar ik ben blij, dat ze het gedaan heeft, want zonder dat, had ik niet eens aan dat plan hoeven denken.

Vanmorgen heb ik de stoute schoenen aangetrokken en ben begonnen met het patroon eens een paar keer goed door te lezen. Hoewel breipatronen lezen, beslist mijn hobby niet is, leerde het me wel, dat het anno 1956, niet de gewoonte was, om duidelijk te zijn. Na en stief kwartierje lezen,begon ik steeds meer respectvoor mijn moeder te krijgen, want die had het toch maar geflikt, om ook van dat patroon, mijn lievelingstrui te fabriceren. Dat zij daar uit gekomen is! Ze zal het ook wel moeilijk hebben gehad, want het papier stikt van de aantekeningen, waar ik nu dankbaar gebruik van maak.

Het hele patroon is geschreven in telegramstijl en er zijn beslist geen twee woorden gebruikt, als één voldoende was. Vermelden van stekenaantallen na meerderingen of minderingen was in 1956 duidelijk nog niet uitgevonden en dat mis ik nog het meest. Na het helemaal in mijn eigen termen uitgeschreven te hebben, besluit ik na twee uur een proeflapje te gaan breien. Ervaring heeft geleerd, dat, “doen” wat er staat, meestal beter gaat, dan alleen maar lezen en inderdaad, na een lapje van 50 steken en ca. 25 toeren, begint het me te dagen.

Alleen, hoe de stekenaantallen zich verhouden, ten opzichte van de maat is me nog niet helemaal duidelijk. Hoewel…...heel voorzichtig begin ik te denken om het simpel te houden. Dwz. om de aantallen te nemen die in het patroon staan en de maat van de breipennen te verhogen van 2,5 naar 3.5 en bijpassende wol. De gok is dan wel of hij niet een beetje groot wordt, maar dat zal moeten blijken.

22 juni 2020:
Toen ik op 31 mei jl. het eerste stukje schreef, was het alleen nog maar een plan, waarin ik nog heel hard aan het denken en rekenen was. Kon het wel of kon het niet? Maar in de afgelopen tijd heb ik gedaan, wat ik in de laatste alinea van plan was. Eerst kwam de vraag "Welke wol?". Het werd Bravo van Schachenmayer en ik bestelde voor de hoofdkleur 15 bollen. Genoeg? Geen idee, maar ik heb er een beetje vertrouwen in, dat deze merkwol, niet zomaar ineens niet meer te koop zal zijn.



30 juni 2020:
De pas is af! Pffff, het waren 400 steken aan het eind. Per toer was ik dus wel even bezig, maar dat was het ergste niet. Eigenlijk zijn die vier rondbreipennen helemaal niet berekend op zulke grote aantallen, waardoor de steken de onhebbelijke gewoonte kregen, er nogal eens af te vallen. Het enige lichtpuntje was, dat ik in het verre verleden eens, een stel plastic "dopjes" had gekocht en die kwamen nu goed van pas. Het waren wel veel handelingen extra [dopjes erop en dopjes eraf], maar het steken rapen en ophalen, bleef daardoor nog een beetje beperkt. Uiteindelijk heb ik de steken op een lange draad geregen en laat ik dit gedeelte van de trui, in de wetenschap, dat het waarschijnlijk wel goed is, even rusten. Ik ga weer verder met de panden, waaraan de mouwen meteen vast gebreid worden. Het gaat goed en is nog steeds superspannend of het lukt.


27 augustus 2020:
Na ruim een maand heb ik mijn "bijzondere project-trui" maar weer eens opgepakt. Met excuses als te warm, geen zin en nog meer flauwe uitvluchten, heb ik de hele boel tijden laten liggen, maar eigenlijk hield ik mezelf voor de gek. De werkelijke reden was, dat ik vast zat. Ik wist met de beste wil van de wereld niet hoe ik verder moest. Gisteren was het probleem natuurlijk verre van opgelost, maar ik wist ook wel, dat er geen kaboutertjes zijn, die dat probleem even voor mij zouden oplossen. Met de moed der wanhoop nam ik de beslissing om door te breien volgens het patroon, hoewel ik verre van zeker was, of dat goed zou zijn. Dat hield in dat ik op het laatst 324 steken op de pennen had staan. Dat ging maar net. Toen ik, gisteren, na een dag stevig doorwerkt te hebben, eens ging meten, omdat ik dacht dat het tijd werd om het pand te splitsen voor de pas, ontdekte ik, dat het werk veel te lang geworden was. Goede raad was duur, en ik ontkwam er niet aan. Uittrekken werd het, sowieso! Na een uur stond alles weer netjes op de pennen en ging ik, in de wetenschap van “10 uur breien en geen spat opgeschoten te zijn”, naar bed.

Vandaag dus weer een nieuwe dag, want lukken zal het!
De splitsing is een feit. Het is eng, want zal het lukken? Zekerheid heb ik pas, wanneer ik de trui kan passen en dat is heeeel veel werk later. Ja, helaas, niet zo`n fijn idee, maar dat kon ik weten toen ik er aan begon.



1 september 2020:
Zooo..... ! Het werd op het eind toch wel spannend. Zou het een beetje kloppen? Toen ik het pand [met de mouwen] tegen elkaar had gelegd, kreeg ik antwoord op die vraag. Het past zo te zien beter dan ik durfde hopen, maar zal nog een bereklus worden om een beetje netjes aan elkaar te naaien. Met het meerderen en minderen in schuine gedeeltes, komen er helaas wat gaten in de rand en die zal ik toch netjes moeten wegwerken, want anders wordt de naad tussen de pas en het pand helemaal niet mooi. Maar goed, geen zorgen voor de tijd van morgen. Eerst het tweede pand. Daarmee kan ik, nu ik dit allemaal gezien heb, met heel wat meer vertrouwen mee aan de slag gaan.



Maandag 15 september 2020:
Ik was er al bang voor. Het ging al te goed. Het voorpand [met aangebreide halve mouwen] en de paswaren klaar. Helaas, was die waarheid niet helemaal wat ik ervan verwachtte. De breedte en lengte van de trui totaan het armsgat waren prima, maar de mouwen waren een drama. Veel te lang! Meer dan 20 cm te lang, valt niet even weg te moffelen en dat werd dus uittrekken in dikke vette hoofdletters. Tot overmaat van ramp zijn de mouwen dwarsgebreid, dus was het niet even 20 cm mouw uithalen, maar ruim 20 cm uittrekken boven het armsgat, over de volle breedte [ca. 300 steken per toer] van twee mouwen en een pand.

Ik heb even met de gedachte gespeeld, de panden tot de armsgaten uit te trekken en er "gewone" mouwen in te gaan zetten, maar dat idee heb ik toch maar weer snel laten varen. Het zou zonder meer, simpeler en veiliger zijn geweest, maar nee, toch maar niet, want dan zou het de trui uit mijn jeugd niet meer zijn en daar was het tenslotte toch allemaal om begonnen.

vrijdag 25 september 2020:
Oef ging het nog bijna fout. Ik stond eigenlijk alweer op het punt het rugpand tot het armsgat uit te trekken. De cirkel was veel te klein en de mouw te breed. Met een beetje kunst en vliegwerk heb ik dat gelukkig kunnen voorkomen. Hopelijk is de cirkel nu groot genoeg, maar, diep in mijn hart, ben ik daar nog niet helemaal gerust op. Zo niet, dan wordt het flink sjoemelen om de pas in de trui te zetten, want uittrekken doe ik niet meer. Nee, niet weer hoor, ik ga stug door. Het eerste stuk zit aan elkaar. Nu de rest nog. O, ja en dan op het eind, wacht me nog de dankbare taak, om een heleboel aanhechtdraden weg te werken. NOT!.



Dinsdag 29 september 2020:
[Op fb]
-----Tis gelukt!. Wat was dat “leuk” om te doen. Mijn lievelingstrui uit mijn jeugd nabreien. Alleen het idee al, dat mijn moeder ruim 60 jaar gelden dezelfde handelingen verrichtte. Op de inzet van de foto zie je mij, met trui uiteraard, tijdens de kerstdagen van 1955. De trui was groen, met in de pas, witte, groene en rode strepen. Ook weet ik nog dat ik hem heb gedragen, totdat hij zo strak zat, dat het echt niet meer kon en ik er afscheid van moest nemen.

Het breipatroon is, als een wonder, bewaard gebleven. Nu heb ik hem nagebreid. Het was een echte eye-opener dat mijn moeder zo`n goede breister is geweest. Het patroon is verre van gemakkelijk en sorry mam, dat had ik als kind natuurlijk echt niet door. Nu heb ik hem weer. Andere kleuren en een tikkie groter, dat wel, maar ook deze, zal ik met plezier en in herrinnering aan haar gaan dragen------

Tot slot:
Het enige waar ik een beetje mee zit is de naairand, waar de pas aan de rest van de trui is gezet. Die vind ik, op zijn zachts gezegd, niet echt geslaagd. Toch ga ik daar aan het eind niet over zeuren. Ik ben wat mijn werk betreft nou eenmaal een perfectionist en had die graag wat netter gezien. maar ik heb niet de puf er nu iets aan te doen. In mijn herinnering had mijn moeder dat beter gedaan.
Het zij zo en het blijft zo. Het was “Een bijzonder project”!

Jaaaren later……………..
Ik heb de trui nog steeds, maar waar ik in het begin al bang voor was, is gebeurd. Hij is groter en groter geworden. Zo groot zelfs dat het bijna een jurk is geworden. Reuze grappig als huisjurk maar als trui kan ik er eigenlijk niet zoveel meer mee. Ik draag hem dus bijna nooit. Jammer, maar dat neemt niet weg dat ik het toen toch maar even heb gefikst.

Geschreven: 31 mei 2020-29 september 2020
Dagtekening: kerst 1956-nu

donderdag 13 februari 2020

Akte K

Dit verhaaltje postte ik op mijn andere blog, maar omdat het toch wel veel te maken heeft met handwerken en creativiteit zet ik het ook op deze blog.

Af en toe is het best leuk om een even weg te dromen in mijn digidagboek. Het stukje over mijn secretaresseopleiding bij Schoevers lezende, ontdek ik dat ik bijna over al mijn opleidingen in heb verteld, maar ook, dat ik eentje vergeten ben. Dat is niet zo verwonderlijk, want deze deed ik pas veel later. Na mijn lagere school, MMS en Schoevers, heb ik in 1981 de opleiding akte K gedaan, zodat ik als "handwerkjuf" op de lagere school, les kon gaan geven.

Deze opleiding deed ik met de achterliggende gedachte, dat er bij kinderen op school veel te weinig aandacht werd besteed aan vrijetijdsbesteding. De mensen kregen steeds meer vrije tijd en er is, ook volgens mij, een deel van de mensheid, die dat totaal niet weet in te vullen. Niet dat ik nou meteen de illusie heb, dat ik met dat handwerken het probleem heb opgelost, maar misschien helpt het een klein beetje, om sommige mensen toch een fijne vrijetijdsbesteling aan te reiken.

Die opleiding, was zo gezegd, maar echt niet, zo gedaan. Ik moest mijn drukke gezin, met drie kinderen achterlaten, en per fiets, trein en te voet, 1x per week naar Alkmaar en terug. De PA [pedagogische academie] , was een imposant gebouw in de buurt van de Westerweg, wat ik, zonder resultaat, op Maps heb proberen terug te vinden, maar het was een kwartiertje lopen van het station. Ik vond de opleiding, die bestond uit de vakken didactiek, breien/haken, borduren en naaien, niet echt zwaar. De ladingen huiswerk daarentegen, hielden me wel aardig bezig. Iedere week een brei/haak-, borduur- en naaiopdracht, waarvan ik altijd probeerde iets nuttigs te maken. Vaak waren dat dan ook nog eens heel vrije opdrachten, waarbij ik mijn voorraad fantasie aardig moest aanspreken.

Het vak naaien was een regelrechte ramp en duidelijker dan in een stukje, dat alleen in mijn digidagboek staat, kan ik het niet verwoorden. Vandaar dus even een citaat: “Naaien was beslist mijn favoriet niet en zelfs nu nog, als ik mijn naaimachine voor mij heb staan, besluipt mij het ongelofelijk katterig gevoel, om dat apparaat meteen het raam uit te gooien. Een onverklaarbare kippevel krijg ik van dat ding. Heb ik net een stuk gestikt [het woord alleen al] blijkt dat de onderdraad gebroken is en verandert het werk, waar ik intussen ook de spelden hebt uitgehaald, in een losse bende of ik ontdekt dat er allemaal lussen aan de achterkant van het werk zitten, vanwege een verkeerde spanning. Een andere hinderlaag kan zijn dat je een stuk van het werk hebt meegenaaid wat niet moest, en ga zo maar door, ik heb een ruime ervaring met dat gehannes. Sterker nog, als ik eenmaal begin met klunzen, dan houdt het niet op”.


Maar breien, haken en borduren was leuk. Dat deed ik graag en zag er beslist niet tegen op om van de opdracht, nuttige dingen te maken. Een goed voorbeeld daarvan is het enige werkstuk, wat nog op foto is terug te vinden. De exacte opdracht weet ik niet meer, maar het zal zoiets geweest zijn in de trant van "Maak je portret met lapjes". Dat ik er dan een tas van heb gemaakt, was mijn eigen idee, want het portret alleen op een losse lap zou waarschijnlijke wel voldoende zijn geweest. Dit tikkende, moet ik eigenlijk wel lachen, dat het juist een naaiopdracht is, waarvan ik een voorbeeld geef, gezien het bovenstaande gemopper.

Na een jaar flink aanpoten, kwam dan in juni het eindexamen. Voor het gemak, moest ik daarvoor helemaal naar Rotterdam. Niet echt fijn, , want vanzelfsprekend al behoorlijk gespannen, moest ik er nog eens ver voor reizen naar een totaal onbekende bestemming. Maar goed, ik ben er gekomen en beter nog, ik slaagde nog ook, ondanks de vette 4 voor mijn naaiwerk. Heel lief kwam Karel met de kinderen in de middag ook naar Rotterdam, die een enorm opgeluchte vrouw en moeder, ophaalden en mee naar huis konden nemen. Nog jaren daarna, als we langs Rotterdam reisden, zag ik vanuit de trein, dat bewuste schoolgebouw langs het spoor, wat me iedere keer weer herinnerde aan die spannende dag, dat ik daar eindexamen deed.

Toch heeft mijn harde werk weinig opgeleverd. Ik heb helaas nooit voor de klas gestaan, want juist in dat jaar begon men met het drastisch bezuinigen op vakleerkrachten. En ja, natuurlijk ging gymnastiek voor, dus werden de vakleerkrachten in andere vakken heel snel wegbezuinigd. En om als gediplomeerde hulpmoeder te fungeren, dat had ik geen zin in. Toch was de opleiding beslist niet voor niets. Ik heb er veel extra haak-, brei- en borduurtechnieken geleerd, die me later heel goed van pas zijn gekomen. Niet altijd tot volle tevredenheid van mijn kinderen, maar ja, ach, die moeten niet zeuren, want ik moest toch wat, met het geleerde, mijn fantasie en mijn vrije tijd.

zondag 2 februari 2020

Breien met restjes

                     

Het is een superformule, of liever gezegd, ik vind het een superformule. Heerlijke dubbeldraadse dikke truien breien en meteen je kast opruimen. De ene draad bepaal ik als hoofdkleur en daarmee breide ik onafgebroken door. Voor de tweede draad gebruikte ik allerlei resten. De breinaalddikte is natuurlijk afhankelijk van de gekozen wolsoorten.

Het is wel aan te bevelen om voor deze tweede draad, wol te gebruiken, die ongeveer dezelfde dikte heeft, want anders wordt het een rommeltje en krijg je gaten. Hoe dik maakt niet uit, dat heeft alleen effect op het resultaat, want de kleur van de dikste draad zal overheersen. Verder maakt het niets uit, effen of gemeleerd, alles is mooi. Ook een kleurenpatroon is niet nodig, soms kan je volstaan, door domweg een heleboel [kleinere] bolletjes, gewoon op te breien. "Gewoon beginnen en je ziet wel wat er van komt" is mijn devies.

Natuurlijk moet je ook wel een beetje handig zijn in het maken van een trui, want ikzelf doe alles zonder patroon. Ik gebruik de maten van een oude trui en reken, via een proeflapje. uit hoeveel steken ik op moet zetten.

Bij de trui van de eerste foto, was de hoofdkleur wit, bij het vest en de andere trui zwart. De laatste maakte ik voor mijn dochter en ik gebruikte daarvoor haar eigen restjes, niet omdat ik niets meer had, maar het maakte de trui voor haar persoonlijker en het ruimde ook bij haar lekker op. Datzelfde ga ik doen voor mijn andere dochter. Ook zij heeft nog wol zat.

En voor wie het weten wil: Alle wol was Saskia [Wibra] en alleen de bijkleur van de trui van mijn dochter was de gemeleerde Royal wol van Zeeman. Bij deze combinatie gebruikte ik breinaalden 5.

Geschreven: 2 februari 2020
Dagtekening: 2019 en 2 februari 2020

zondag 23 juni 2019

Afrikaanse bloem cirkel in kleur [14+18cm]



Omdat ik nog steeds in een [haak]dip zit, ben ik uit pure wanhoop weer eens in mijn ontworpen grannies gedoken. Daar vond ik, in een effen versie, mijn Afrikaanse bloemcirkel, met aan het eind van de tekst, de volgende zin. “ Ps. Hoe hij in kleur wordt is voor mij nu nog een volslagen verrassing. Wie het eens proberen wil graag !!”

Ik herinner me dat ik een paar dagen, na publicatie, heel lief en volgens mij uit Belgie, een foto kreeg toegestuurd van een prachtige granny, maar stom genoeg heb ik de foto vergeten op te slaan. Ik weet nog dat hij heel erg mooi was, wat dus een goede reden is, om het nu maar eens zelf te gaan proberen. Verder is van een stapeltje grannies nooit weg, want er zijn mensen en/of goede doelen genoeg, die ze kunnen gebruiken.


Toen ik ging haken, stak het oude virus weer op. Zoals altijd, verliet ik binnen de kortste keren het patroon en ging mijn eigen weg. Ik heb het nu tot toer 4 volgehouden en toen was het over. Bij de eerst poging bleef ik nog aardig dicht bij het oude patroon. Het rijtje vasten [toer 5], wat de cirkel vormde vond ik te iel, dus maakte ik er gelijk al halve vasten van [zie de blauw-witte granny]. Hoewel die eigenlijk best wel mooi was, wilde ik meer. Bij een tweede poging heb ik het geprobeerd met een toer halve stokjes en een toer vasten eroverheen. Toen werd de cirkel te zwaar. Uiteindelijk werd het een cirkel van 2 toeren vasten [toer 5 en 6] en was ik tevreden. Ook de insteek van het diepe reliefstokje heb ik verplaatst. Het is nu een driedubbel stokje en een stuk langer dan daarvoor.

Het patroon gaat als volgt:

AFRIKAANSE BLOEMCIRKEL IN KLEUR [14 cm]

ALGEMEEN:
De haakwijze aan het begin- en einde van de toer is als volgt:
Aan het begin van de toer 4 lossen voor 1 dubbelstokje, 3 lossen voor 1 stokje, 2 lossen voor een half stokje of 1 losse voor 1 vaste. Aan het eind van de toer een halve vaste in de 3e losse [voor een stokje], in de 2e losse [voor een half stokje] of in de 1e losse [voor een vaste] .Bij een kleurwissel altijd de oude draad afbreken en de nieuwe toer op de aangegeven plaats [zoveel mogelijk in de hoek] met de nieuwe kleur starten. Is er geen kleurwissel, dan met halve vasten naar een plaats haken waar gestart kan worden. Het aantal halve vasten moet wel zo weinig mogelijk zijn, want het geheel wordt er anders niet mooier op. Deze handelingen vermeld ik niet meer in het patroon.

Toer 1.
Magische ring of 3 lossen tot een ring sluiten.
In de ring: 8x [1stokje, 1 losse]

Toer 2.
8x [3 stokjes en 1 losse in de 1-lossenbogen]

Toer 3.
8x [2 stokjes, 2 lossen, 2 stokjes in de 1-lossenbogen]

Toer 4.
8x [7 stokjes in de 2 lossenbogen]

Toer 5.
8x
--6 vasten, beginnen op het 2e stokje van de 7 stokes van de vorige toer,
--1 vaste tussen de groepen van 7 stokjes van de vorige toer, 1 driedubbel reliefstokje [3x omslaan, insteken om de middelste van de groep van drie uit toer 2, juist onder de plek waar je nu bezig bent, en in 4x steeds 2 lussen tegelijk afhaken] [zie foto] en nog 1 vaste tussen de groepen van 7 stokjes van de vorige toer.

Toer 6
8x
--7 vasten, beginnen op de 2e vaste van de vorige toer
--een samengehaakte vaste maken door in te steken rechts op het reliefstokje, een draad op te halen en dan insteken linksachter het reliefstokje, een draad ophalen en deze drie lussen na nogmaal omslaan in 1x afhaken. 

Toer 7
[2 dubbelstokjes, 2 lossen, 2 dubbelstokjes] in één van de samengehaakte vaste van de vorige toer, [ =hoek]
-2 stokjes in de volgende 2 steken
-2 halve stokjes in de volgende 2 steken
-3 vaste in de volgende 3 steken
-1 vaste het samengehaakte vaste
-3 vasten in volgende 3 steken
-2 halve stokjes in de volgende 2 steken
-2 stokjes in de volgende 2 steken, dan weer de volgende hoek.

De hoeken komen [om en om] precies op de dieper ingestoken stokjes en er zijn 15 steken per zijkant tussen de hoeken.

Toer 8
Afhankelijk van de gewenste grootte stokjes of halve stokjes. Ik haakte stokjes tussen de stokjes,
halve stokjes of vasten en in de hoeken [2 stokjes, 2 lossen, 2 stokjes]
  

Veel haakplezier!


Ik heb nu zo`n 28 vierkanten en dat is natuurlijk in de verste verte niet genoeg voor een deken. Het gaat lekker, ik vergeet me te vervelen en tegelijkertijd, kijk ik tv of luister naar een audioboek. Zou ik dat niet doen, dan ben ik in mijn hoofd voortdurend bezig ben om de deken in elkaar te zetten door me steeds weer af te vragen van: "Wat voor lay-out zal ik maken?", "Hoeveel vierkanten moet ik hebben?", "Maak ik alle vierkanten hetzelfde?" en ga zo maar door, tot ik er helemaal tureluurs van word. Over één ding was ik het echter wel snel eens. Het vierkant, zoals hij nu is, is met zijn 14,5 cm een beetje klein naar mijn zin en daarom heb ik vanmiddag er maar eens eentje gepakt en er als proef twee toeren bij gehaakt. Tot mijn verwondering werd dat wel heel erg mooi. Vandaar dat ik die twee toeren ga toevoegen aan het patoon. Dit wordt bij deze de 18 cm versie.
Ik ging als volgt verder:


AFRIKAANSE BLOEMCIRKEL IN KLEUR [18 cm]




Toer 9.
Begin in de hoek [2 st, 2 lossen, 2 stokjes], 2 stokjes overslaan, 2 stokjes tussen de stokjes, tot de volgende hoek. [10 groepjes van 2 stokjes tussen de stokjes, plus aan beide kanten een groepje van de
hoeken]

Toer 10.
De hoek is weer [2 stokjes, 2 lossen, 2 stokjes]. Tussen de hoeken komen 'V-steken. Haak daarbij 2
stokjes in de groepjes van 2 stokjes. Doe dit ook bij het groepje dat in de vorige toer de hoek vormde.
Ik ben na toer 9 gestopt met dit patroon, maar deze laatste toer kan naar wens eindeloos worden
herhaald.


Gemaakt: 20 juni en 4 juli 2019
Patroon: 22 juni en 5 juli 2019
Ontwerp: Willy Haarsma


 

dinsdag 4 juni 2019

Amish puzzle ball



Ik zat er echt al jaren tegenaan te hikken. Ik wilde zo graag deze puzzelbal maken. Patronen vond ik genoeg, kijk oa. maar op de website "Lookatwhatimade", van Dedri Uys, waar je ze vindt, de ene nog mooier dan de andere. Maar, alle mooie modellen ten spijt, ze waren helaas allemaal in elkaar gezet, door de stukken aan elkaar te haken. Daar zat hem voor mij het probleem. Ik wil best iets aan elkaar haken [zie mijn ochtendjas], maar dan moet ik wel heel zeker zijn dat de aan elkaar te zetten stukken, precies uit hetzelfde aantal steken bestaat. Aangezien bij de puzzelbal, de grote middenbaan, met vasten is afgewerkt, waarbij langs de zijkant van het werk is gehaakt, is het bijna onmogelijk, dat het aantal steken precies op hetzelfde aantal zal uitkomen als het andere stuk. Dus begon ik er, ondanks alle verleidingen, niet aan. Natuurlijk had ik, achteraf gezien, de patroondelen ook bij de modellen van Dedri, gewoon in elkaar kunnen naaien, maar om de een of andere reden, die ik achteraf zelf niet begrijp, heb ik dat nooit, gedaan.

Toen ik een paar dagen terug een gratis [spaans] patroon zag [zie hier], van een bol, die gewoon in elkaar genaaid was, ben ik, eigenlijk uit wanhoop, omdat ik niet wist wat ik zou gaan haken, het maar weer eens gaan proberen. Dat spaans, leek me in eerste instantie, nog wel even een dingetje, maar Google bracht uitkomst. Ik vond een vertaalschema waar ik de meeste haaktermen in kon terugvinden en het simpele patroon, dat gelukkig meer uit cijfers dan uit tekst bestond, bleek  uiteindelijk geen probleem. Het resultaat vind ik verbluffend. Een schitterende bol en nog leuker, weer een model, dat ik me uit mijn origamitijd, maar al te goed herinner.

zaterdag 2 maart 2019

Vloerkleed

Hoewel ik een bloedhekel heb aan leeftijdgebonden opmerkingen, kan ik er toch niet onderuit dat ik intussen op een leeftijd ben gekomen, waarop ik een behoorkijk blik met herinneringen kan opentrekken. Een poosje terug zag ik een één van de handwerkgroepen van fb dat iemand die een vloerkleed had gemaakt van touw. Dat deed mij meteen denken aan mijn vloerkleed,  wat ik met haaknaal 10 van sisaltouw had gehaakt. Met die dikke haaknaald en behoorlijk dikke touw ging het allemaal natuurlijk heel snel, maar hoe mijn handen eruit zagen na een uurtje haken, wil je niet weten. Jeetje, wat was die sisaltouw stug! Lang achter elkaar haken was niet aan de orde en het pleit voor de haaknaald, die alleen maar in één of andere plastic versie te koop was, dat hij niet is gebroken. 


In de wetenschap, dat ik bijna vanaf het begin foto`s had gemaakt van al mijn werkstukken, ging ik vol vertrouwen op zoek naar een foto van dat kleed. Dat vertrouwen bleek na een stevige zoektocht een beetje onterecht, want er was onder het woord “vloerkleed” niets te vinden. Onder het kopje “hamster” had ik meer geluk. Ja, vaag herinnerde ik me iets van een hamster, die ik een keertje op de foto had gezet. Dat hij toevallig op dat gehaakte kleed zat, kwam voor dit stukje bijzonder goed uit. 

Een patroon had ik niet, maar ik haakte een ovaal uit de losse pols en even opschrijven wat ik gedaan had is niet bij me opgekomen.  Jammer, maar helaas, ik ben er waarschijnlijk vanuit gegaan, dat ik het toch nooit meer zou maken. Dat klopt natuurlijk wel, maar ja, dat ik later, via internet ook anderen met een patroon blij zou kunnen maken, kon ik in de jaren 80 ook niet vermoeden. 


zaterdag 6 oktober 2018

Alweer opruimen

 Boven in de zolderkast staan nog een stuk of vijf bananendozen, die al anderhalf jaar staan te wachten op een stevige "na-verhuizing"-opruiming die geen haast heeft. Dat "geen haast hebben" is natuurlijk gevaarlijk, want voordat ik het weet is dat een klus, die helemaal op de lange baan wordt geschoven. Daar ik toch wel een beetje in de put zit door het koudere herfstweer en mijn koude voeten alweer prominent aanwezig zijn, heb ik mezelf maar eens bijeen geraapt en ben, als afleiding, in die dozen gedoken.


Drie dozen kan ik zonder meer laten staan, want daarin zitten alleen maar fotoboeken met allang ingescande foto`s. Eigenlijk kunnen ze weg, maar ja, dat is zoiets als je hele leven in de kliko gooien en dat is me toch een beetje teveel van het goede. De andere twee dozen zijn leuk. Daarin zit van alles aan boeken en andere papieren, waarmee ik in de afgelopen 40 jaar druk mee ben geweest en wat niet gedigitaliseerd is.

Dat werd die avond dus niet opruimen, maar lezen en zwijmelen in herinneringen. Zittend op de grond van de verwarmingsloze zolder vlogen de uren snel voorbij en waren de koude voeten snel vergeten. Een vleugje "Little Sod", de verzamelde werken van Rev. Awdry over Thomas the tank engine, mijn gedichtenboekjes van de flowerfairies die ik kocht in Londen, de miniboekjes met de complete werken van Beatrix Potter, die ik kocht in haar woonhuis in het Lake district, mijn russischtalige origamiboek, dat ik kreeg van Alexsey omdat mijn kerstmannetje erin staat, mijn twee eigen uitgegeven boekjes met origamimodellen en ga zo maar door. En dan al die mooie keltische museumboekjes, die riepen heel wat herinneringen op aan de mooie reizen die we maakten in Engeland, Wales, Schotland, Ierland en Scandinavie.

Toen ik na uren weer geland was in 2018, wist ik maar één ding. Dit gaat niet terug in die verhipte bananendoos. En op een enkel boekje na, blijft het meeste bij mij. Gelukkig vond ik nog een plaatsje in de enige Ikeastelling die we anderhalf jaar geleden hebben meegenomen, zodat ik, als ik op zolder kom, nog eens heerlijk tussen deze spullen kan duiken.
 

  

Geschreven: 6 oktober 2018
Dagtekening: begin oktober 2018

dinsdag 31 juli 2018

Vliegengordijn

 Wat een hitte heerste er in de afgelopen dagen. Dat zal niemand zijn ontgaan!. Gelukkig is het op het moment wat minder warm en ben ik weer een beetje actief te krijgen. Toen het zo warm was, bestonden mijn hobbyactiviteiten slechts uit denken, wat ik zou gaan doen als het weer wat koeler werd. 

Het berenhaken ben ik momenteel voor zoveelste maal een beetje zat en aan het muizenprojekt heb ik ook een eind gemaakt. Het was wel leuk om eens iets anders [die muizen dus] te doen, maar het werken met katoen is beslist niet één van mijn favoriete bezigheden. Wat is die troep stug! Mooie kleurtjes, dat wel, maar met het afwerken van de draadjes had ik een tangetje nodig om naald en draad door het werk te krijgen. Verder moest ik de vulling in panties doen [terecht], maar die heb ik helemaal niet. Ik krijg al kippevel als ik aan die dingen denk, laat staan dat ik ze moet dragen. Dus kocht ik kniekousjes, die ik doormidden knipte. Toch had ik daar geen vrede mee. Om zomaar nieuw gekochte dingen meteen door te knippen, vond ik heel erg moeilijk. Ik heb het gedaan, want anders kon ik de muizen niet afmaken, maar al met al genoeg aanleiding om na 44 muizen er maar eens mee te gaan stoppen.

Als zovaak in mijn stukjes dwaal ik weer af. Ik was bezig te vertellen, dat ik in die hitte, alleen maar aan het denken was, omdat het haken zelf een plakboel werd. Ineens kwam er een idee. Het zou wel leuk zijn om een vliegengordijn te gaan maken voor de deur tussen de keuken en de kamer. Als "vliegentegenhouder" verwacht ik er niet veel van en ook tocht zal het niet echt tegenhouden, maar een mooi, decoratief gordijn, dat de inkijk in de keuken een beetje tegenhoudt, daar voel ik zeker wel voor.

Meteen schoot mij, mijn vorige vliegengordijn weer in gedachte. Eind jaren `70 had ik van sisaltouw een groot vliegengordijn gemaakt in de macrametechniek. Het zat in de achterdeur van ons huis en heeft daar jarenlang zijn werk naar behoren gedaan. Helemaal retro zouden we tegenwoordig zeggen en jahoor, ons huis hing vol met mijn macramecreaties. Het was ook zulk leuk werk.

Zou ik daar nog een foto van hebben? Hoewel ik al mijn hobbywerk, wat ik verkocht of weggaf, heb gefotografeerd, ben ik zo dom geweest mijn werk voor eigen gebruik helemaal te vergeten. Vanavond ben ik op zoek gegaan naar een familiefoto uit die jaren, waar hij misschien nog op zou kunnen staan. Het was spannend, maar pffff, uiteindelijk vond ik zegge en schrijven één foto!. Deze is gemaakt tijden dochter Suzanne`s verjaardag in 1980. Dat het de "macrametijd" was is duidelijk, want ook op het andere raam hing een grote creatie. 






















Maar nu de plannen voor de komende tijd. Zelf dacht ik allereerst aan haken. Niet zo slim achteraf, want losse slierten kettingsteek vult niet erg op en dan zal ik er, vooral bij deze brede deuren [seniorwoning] wel heel veel nodig hebben. Of macrame? Ook niet slecht. Het is een leuke techniek, die nog behoorlijk in mijn vingers zit. Als materiaal denk ik aan touw of [iets van deze tijd] misschien wel zpagetti. Ben er nog niet precies uit, maar dat is niet erg, want de weersvoorspelling is zodanig, dat ik waarschijnlijk nog heel veel kan nadenken.

dinsdag 10 juli 2018

Facebook-tijdlijn opschonen

Jeetje, ik ben bijna de hele dag bezig geweest om het grootste gedeelte van mijn fb-tijdlijn op te schonen. Toen ik eraan begon had ik geen flauw idee hoe ik dat moest aanpakken, maar daar kwam ik snel achter. Er bleken twee mogelijkheden te zijn om van die berichten af te komen. Wat ik er zelf had op gezet, kon ik "wissen' en de rest kon ik voor een groot gedeelte alleen maar "verbergen op de tijdlijn". Die tweede optie is eigenlijk wel logisch, want dat zijn posts van anderen, waarover ik geen beheer heb. Maar veel werk gaf het wel. Helaas was het niet even snel "selecteren" en dan "wissen" of "verbergen", neeeee, het was, alle berichten stuk voor stuk openen en kijken wat het behaagde te doen. Met een beetje geluk bleef dan de achterliggende tijdlijn of het activiteitenlogboek [net waaruit ik werkte op dat moment] op de plek staan, waar ik bezig was, maar het gebeurde ook dat "mijn werkplek" verdween en ik werd teruggestuurd naar de beginpositie [het meest recente bericht], zodat ik de hele tijdlijn weer door moest zoeken naar de plek waar ik op dat moment bezig was geweest.

Jaja,fb is in dit geval reuze behulpzaam en ze willen echt niet dat je ook maar één letter van je data wist. Nou ja, vanuit hun standpunt is dat ook wel te begrijpen, want dat data wissen kost hen geld, hoewel ik met alle respect er geen idee van heb, hoe dat flauwe geleuter van mij nog enig geld op zou kunnen brengen. Reclames negeer ik straal en mijn lijfspreuk is nog steeds "als ik iets wil kopen ga ik zelfs op onderzoek uit en niet andersom, of met andere woorden, ik hoef geen ongevraagde suggesties".

Maar goed, dat even terzijde. Voorzover mogelijk is alles vanaf het begin [2012] tot eind 2017 uit de tijdlijn "weg", hoewel ik me ervan bewust ben dat het woord "weg" een enorm rekbaar begrip is. Heus, ik ben er echt niet zo zeker van dat het ook echt weg is. Maar waar is waar, ik zie het niet meer, en ik hoop de rest van de wereld ook niet. Ten tweede hoop ik dat het ook weg blijft, want dat schijnt ook niet zo zeker te zijn, gezien de reactie die ik op het net las over dat onderwerp. Het enige wat nog is overgebleven zijn alle likes en vermelding van andere activiteiten in het activiteitenlogboek. Helaas haalt fb juist uit deze data de meeste gegevens, wat ik zal moeten aanvaarden, als ik fb wil blijven gebruiken. Zou ik nog meer privacy willen, dan moet ik toch echt stoppen met deze lol. En ja, daar ben ik eerlijk in, dat wil ik momenteel toch echt niet.

Maar ook ik zou mezelf niet zijn als ik, voor deze opruiming, mijn maatregelen niet had genomen. Dus mocht ik in een nostalgische bui toch nog eens graag willen zien wat ik in deze gewiste periode uitspookte, kan ik alles nog eens rustig terugkijken via een grote screenprintbackup, die ik op mijn eigen hopelijk veilige computer heb staan.

Geschreven: 9 juli 2018
Dagtekening: 9 juli 2018

maandag 2 april 2018

Muis Jantje



Het moest er toch maar eens van komen. Even iets anders om te haken. Van Ingrid hoorde ik iets van Muis Jantje. Een van de zovele facebook-haakgroepen, die haken voor het goede doel. Altijd handig vind ik. Lekker bezig zijn, zonder dat je een heleboel spullen maakt, waar je met de beste wil van de wereld niet weet, wat je er mee moet. Dus ben ik maar eens gaan googelen naar gegevens over deze groep. De info van muis Jantje, is kort en bondig.
Ik citeer:
"Gehaakte Jantje muizen voor mensen met Alzheimer / dementie, op volledig vrijwillige basis
gehaakt".

Ik werd lid van de groep en zag foto`s wat anderen zoal hadden gehaakt. Het was een vrolijk gezicht, al die muizen, en besloot ook maar eens een greep in mijn katoenbak te doen. De materiaaleisen zijn [terecht] nogal streng en het resultaat was, dat niet alle katoen aan die eisen voldeed. Gelukkig is Nu hier een Wibra in de buurt, dus was dat probleem snel opgelost.

Intussen had ik ook een oproep voor muizen gezien die uit het Westfries Gasthuis. "Heerlijk", dacht ik, "een thuiswedstrijd, geen gehannes met opsturen, maar lekker even langsbrengen, dat is veel eenvoudiger". Zo gezegd, zo gedaan, ik haakte twee muizen en bracht deze meteen weg. Ze werden gelukkig goedgekeurd, en nu toen ging ik los en ontstond deze "muizenbende".


Voorlopig is het even genoeg, want de beren staan ook te dringen om weer te worden gemaakt. Kijk, ja, dat is wel een nadeel van haken voor goede doelen. Het is nooit af en je bent nooit klaar en keihard zeggen ik stop ermee, vind ik ook reuze moeilijk. Een luxe dilemma, waar ik wel nooit uit zal komen.

woensdag 17 januari 2018

Gordijnaapje




Ahwww, toen ik hem bij dochter Ingrid gezien had, werd ik er spontaan verliefd op. Die wilde ik ook maken! Mijzelf kennende moest ik dat eerst nog een tijdje op me in laten werken, maar eergisteren was dat tijdperk afgelopen. Ik wilde beginnen. Aangezien Ingrid hem ook al had gemaakt, was de voorbereiding snel klaar. Aan haar kon ik vragen hoeveel wol ik nodig had en met welke haaknaald ik aan de gang moest. Dank voor deze info Ingrid!. Gelukkig had ik nog een goede kleur in voorraad, dus ook dat was snel geregeld. Maandag begon ik.

De kop en lijf was een eitje, maar verder was het toch nog wel even prutsen. Daarbij ben ik helemaal niet gewend van patroon te werken en lees ze slecht. De straf daarvoor kwam toen het hele beest, behalve de armen en oren, al in elkaar zat. Het was een lief aapje, maar keek recht voor zich uit als hij op de tafel zat. Ik keek hem aan en toen viel het kwartje. Oeps, dat klopte val geen kant!!. Dus moest de kop weer van het lijf en toen ik toch eenmaal bezig was met slopen, heb ik meteen de snoet er weer afgehaald, want die vond ik eigenlijk een beetje te laag zitten ten opzichte van ogen. 


Ach dat was allemaal geen ramp, want met ruim 250 beren maken achter de rug, ben ik wel gewend dat er iets niet helemaal gaat zoals het zou moeten. Vrij snel zat de boel tot volle tevredenheid weer in elkaar. Nu de armen nog. Kokertjes van 9 vasten in het rond haken, zijn beslist niet mijn hobby, maar ik moet niet zeuren, want de armen van dit beest zijn cruciaal. Zonder die, geen gordijnaap, dus werd het even afzien. Na zien van het resultaat, was die ergernis echter heel snel vergeten. Subliem, mooi, toppie, geen superlatief kon mijn enthousiasme doven.

Nu zit zij mooi en nuttig te wezen op het gordijn. Ja ook nuttig, want op deze manier verving zij een simpel sisal touwtje, waarmee het gordijn vanwege brandgevaar, al was samengebonden, om ruimte te maken voor allerlei ziggo apparatuur dat eronder staat.


Helaas kan ik het patroon niet meer terugvinden via Google. Het is van Loes Ryman-Sekeris, die ik , alleen op pinterest terugvond. Het patroon stond daar niet meer bij. Wel vond ik andere aapjes. Misschien heeft een andere zoeker meer succes. Ik haakte met dubbeldraadse Saskia [Wibra] en haaknaald 5.  

maandag 11 december 2017

Toch nog gevonden!

Op 30 augustus jl. raakte ik bij het schoonmaken van het toetsenbord, mijn numerieke 4-toetsje kwijt. Ondanks een gedegen zoektocht onder bank, stoelen en andere meubelen bleef hij spoorloos.

Vanmiddag was ik tijdens het naaien van de beren mijn grote stopnaald kwijt. De bank ging weer van de muur en tot mijn stomme verbazing lag daar niet mijn naald, maar wel mijn toetsje. Hoe kan dat nou? . Toen niet en nu wel? Heeft dat ding de zowaar ruim drie maanden onder de bank gelogeerd? Het blijft vreemd, want de vorige keer had ik daar toch ook goed gezocht.

Mijn blijdschap, dat ik eindelijk smoezelige afdek-leukoplastje van het toestenbord kon halen, werd getemperd door het feit dat ik die naald niet kon vinden. Heel vervelend als je beren voor kinderen in elkaar zet. Wat als je hem per ongeluk te ver doordrukt, ik moet er niet aan denken! Toch begon ik na die intensieve zoektocht aan mijzelf te twijfelen. Ik gebruik altijd twee naalden synchroon, omdat ik dan wat simpeler de poten en oren er goed aan kon zetten. Had ik er echt al twee gebruikt, of maar één. Ik wist het niet meer.

Ik appte Suzanne en ja hoor, het was weer zover. Ik had hem gisteren voor de zoveelste keer bij haar laten liggen. Oud worden, grrrrrrr.........

Ps:
Nu 23.55 uur krijgt het naaldenverhaal nog een andere wending. Het doosje van met mijn steekmarkeerders valt uit mijn handen en meteen zie ik mijn langgezochte naald tussen de scharnier uitvallen. Blijft het een raadsel dat ik dat helemaal niet gezien heb. Nou ja, het is opgelost met eigenlijk alleen maar winnaars. Ik heb mijn toetsenbord toetsje terug. Dat zou ik nooit gevonden hebben als ik niet die enorme zoekactie zou hebben ondernomen. Duhuh , ik weer. Voel me dom. !!!!!!. O, ja en van dat ouder worden, neem ik niets terug. Ik begin een hopeloze warhoofd te worden. Hahahahaha.


Geschreven en gepost op fb: 11 december 2017
Dagtekening: 30 augustus 2017 en 11 december 2017

vrijdag 1 december 2017

Spelen met lichtjes



Het is allemaal begonnen in het diepe zuiden van Nederland. In december 2012, liepen Suzanne, Christiaan en ik in de grotten van Valkenburg. Op deze zo sfeervolle locatie werd een kerstmarkt gehouden, die zijn weerga niet kent. In een van de grotten zagen wij een heel bijzondere kraam, die zo leek te zijn weggehaald uit Azie, met daarin allemaal lichtslingers die versierd waren met vlinders en bloemen. Hoe deze vlinders en bloemen gemaakt waren was mij bekend, want ik was in het verleden, ook bezig geweest met die gekleurde panties en ijzerdraad, waarvan die versiering was gemaakt. De frele bloemen en vlinders waren verwerkt in een sliert kerstboomlampjes, en het effect was verbluffend. Dochter Suzanne en ik vielen ervoor als een blok en kochten beide een vlinder- en een bloemensliert. Thuisgekomen, hebben we ze meteen opgehangen. Bij mij hingen ze er tot de verhuizing afgelopen maart en bij Suzanne tot op de huidige dag.


In februari 2014 legde mijn vlinderslinger het loodje. Alle lampjes bleven uit en ook reservelampjes mochten niet meer baten. Wat nu, ik was er helemaal nog niet op uitgekeken en baalde als een stekker. Ik heb de sliert van de muur gehaald en ontdekte dat de vlinders [anders dan bij de bloemenslinger merkte ik later] niet met lijm aan de lampjes waren bevestigd. Dat opende perspectieven! Ik sloopte de vlinders van de slinger en deed ze voorzichtig in een doos in afwachting van het volgende kerstseizoen. Ja dat moest helaas, want in februari kerstlampjes kopen, is niet echt voor de handliggend. Zo gezegd, zo gedaan en in november 2014 lijmde ik met een lijmpistool, tot mijn verrassing eigenlijk zonder veel moeite, de vlinders op een serie nieuwe lampjes. Alles brandde nu weer en heeft dat tot maart 2017 zonder haperingen gedaan. Na de verhuizing heb ik het een beetje laten versloffen, wist niet zo goed, waar ik de slingers zou ophangen en had ze tot een week terug, zonder meer in de doos laten liggen. Met de kerst in zicht heb ik de vlinderslinger weer voor het raam gehangen.

Of het zo moest zijn gaf bij Suzanne de andere slinger het afgelopen jaar op. Net als bij mij, deed de volledige slinger het niet meer. Uit elkaar halen, zoals ik had gedaan bij de vlinders was helaas geen optie, want alle bloemblaadjes waren apart om de "steel" van het lampje bevestigd. Het resultaat zou zijn, dat de bloemen volledig uit elkaar zouden vallen en dat krijg je met de beste wil van de wereld niet meer in elkaar. Wat nu? Ik wist eigenlijk meteen, Mijn huis is veel kleiner dan dat van haar en ik kon mijn bloemenslinger niet kwijt. Die lag nog steeds in een doos. Ook bij mij waren wat lampjes stuk, maar hij deed het nog wel. Dus de oplossing was simpel. Ik heb mijn sliert aan Suus gegeven en met behulp van wat reservelampjes, hebben we van twee één complete lichtsnoer kunnen maken, waarvan alle lampjes weer brandden.

Dat was het verhaal van onze Valkenburgse slingers. Maar toch kwam van het een het anders. Ik liep al een tijdje rond met het idee om zelf met haken een lichtslinger met bloemen te gaan maken. Dat kwam door mijn vlinder- en bloemenslinger, maar ook omdat ik op het net wel eens iets in die richting had gezien. Dat hield niet over hoor, het zullen alleen maar een paar foto`s zijn geweest, meer niet. Het beste bewijs dat het me al een tijd bezig had gehouden, was het feit, dat het jaar ervoor al een led-lichtslinger bij de Boet had gekocht. Nu moest het er maar eens echt van komen. Ik zocht een bloemenpatroon en ben vorige week begonnen met haken. Al gauw was het duidelijk, dat die bloem het niet ging worden. Hij was te groot en beviel me voor geen meter. Ik greep naar plan B, tw. zelf iets ontwerpen en dat ging stukke beter. Achteraf gezien was het nog handiger ook, want dan zou ik geen last hebben van copyrights en kan ik met het patroon doen wat ik wil. Het haken ging als een zonnetje. De bloemenslinger werd zo mooi, dat ook Suzanne zich intussen een slag in de rondte zit te haken en mijn vlinderslinger helaas naar de keuken moest verhuizen.


















Tenslotte, ik was ze bijna vergeten, mijn bloemenlampjes. Die kocht ik een jaar of wat geleden ook bij de Boet. Ze zaten in Opperdoes jarenlang in een grote lantaren, die op een achteraf tafeltje in de kamer stond, maar hier in Grootebroek veel te groot bleek te zijn. Dat grote ding moest dus helaas weg. Maar die bloemen dan? Ik herinner me dat ik daarmee tijdens het inpakken, heel lang in mijn handen heb gestaan. Weggooien of bewaren? Ik wist het niet. Uiteindelijk kon ik ze toch niet wegdoen en heb ze meegenomen naar dit huis. En, ja, gelukkig maar. In een verloren kwartiertje heb ik de hele boel met tape op mijn staande schemerlamp geplakt. Mooiiiiiiiiiii………….



Ps. Tijdens de voorbereidingen om mijn digidagboek en fb-posts van 2017 te archiveren, vind ik ineens onderstaande foto, die eigenlijk niet mag ontbreken in dit verhaaltje. Vandaar dat ik nu, vier dagen later, nog deze foto invoeg. "Dag bloemen, dag vlinders, een paar seconden geleden gingen jullie uit. Morgenochtend haal ik jullie van de muur en in deze omgeving komen jullie niet meer terug. Het einde van een tijdperk". 



Geschreven: 1 december 2017
Dagtekening: december 2012-december 2017

LICHTSNOER MET GEHAAKTE BLOEMEN

Nu mijn bloemenslinger af is, komt hier, zoals be

loofd mijn patroon.  Maar hoe je het precies doet, is nogal afhankelijk van je lichtsnoer en materiaal. Vanwege de veiligheid heb ik LED-lampjes genomen, omdat die een stuk minder warm worden.

Een mooie slinger maken is afhankelijk van een paar dingen.
1. De groote van de bloemen,
2. de woldikte en haaknaald
3. de grootte van de lampjes
4. en vooral de ruimte tussen lampjes
Probeer hierin een goede balans te vinden.

Mijn bloemen zijn gemaakt van Saskia wol [Wibra] en hknld 4 en de lampjes zaten ca. 8 cm van elkaar. Vandaar dat ik de keuze heb gemaakt om twee verschillende bloemen te maken, omdat de ruimte te klein was voor allemaal dezelfde bloemen. Als je eenmaal doorhebt, hoe de bloem gemaakt is kan je oeverloos experimenteren met grootte en breedte van de bloem door kleinere of grotere lossenbogen te maken. Ook kan je in het bloemblad van de grote bloem een paar dubbele stokjes maken. Zo wordt de bloem nog wat voller.

 Nb:Ik spreek in het patroon over ruime lengte van draden. Dwz. ca. 15-20 cm.
 

GROTE BLOEM:

toer 1+2: kleur A [wit], toer 3+4: kleur B [roze].

toer 1.
8 vasten in een magische ring. Begin met een ruime lengte. Maak in aan het begin van deze draad een klein knoopje, zodat je later weet met welke draad ik de magische ring dichtgetrokken kan worden. De toer sluiten met een halve vaste in de 1e vaste.
toer 2.
5 lossen, 1 vaste in de volgende vaste [1e boogje]. Maak nog 7 boogjes van [4 lossen, 1 vaste] in elke volgende vasten. Draad afbreken met een ruime draad.




toer 3.
Werk aan de achterkant.Dit is even lastig en ik heb geprobeerd met wat foto`s dit te verduidelijken. 4 lossen in een willekeurige vaste van de vorige toer, 1 vaste in de volgende vaste. [er komt dus een tweede vaste in de vasten van toer 1].Daarna nog 7 boogjes van [3 lossen, 1 vaste]. Vouw tijdens het haken de de lossenboogjes van toer 1 een beetje naar achter, dat werkt gemakkelijker. Sluit de toer met een halve vaste in het eerste boogje, maak 1 losse en keer het werk.
toer 4.
Haak achterlangs en maak in elke boog, 1 vaste, 5 stokjes.





KLEIN BLOEMETJE:
toer 1+2: kleur B [roze], toer 3: kleur C [groen]

toer 1.
als toer 1 van de grote bloem.
toer 2.
als toer 2 van de grote bloem.
toer 3.
als toer 3 van de grote bloem, maar maak ipv 3-lossenboogjes, boogjes van 6 lossen.


AFWERKING:
1. Hecht de draden van toer 3 en 4 af.
2. Steek de draad van toer 2 naar het midden en naar achteren. Pas wel op dat je niet door toer 1 steekt, want dan kan je de magische ring niet meer aantrekken.
3. Haal het lampje door de magische ring en trek hem aan. Leg er met de tweede lange draad minstens één stevige knoop in. Laat op die knoop een druppel lijm vallen.
4. Vlecht als het ware nog wat om het snoer een en leg er nog wat knopen op. Ook die nog vastlijmen.
5. Nu kan je ook de laatste twee draden afknippen. Hoewel, ik koos ervoor om ze nog heel kort even door de bloem te halen en daarna af te knippen.



Gemaakt: eind november 2017

Patroon: 30 november 2017
Ontwerp: W. Haarsma